Vrouwen wereldwijd over de impact van één jaar #MeToo

De beweging bestaat een jaar en daarom vroegen we vrouwen of het iets – of niets – heeft veranderd in het land waar ze vandaan komen.

|
09 oktober 2018, 2:37pm

Alia Marsha en Julia Reis 

Het nieuws van de New York Times en The New Yorker uit oktober 2017, waarin Harvey Weinsteins lange, vermeende geschiedenis van aanranding en seksueel misbruik van vrouwen werd onthuld, sloeg in als een bom. Omdat tientallen vrouwen uit de industrie naar buiten traden met soortgelijke beschuldigingen van de filmproducent, trokken slachtoffers van over de hele wereld naar Twitter en Instagram om hun verhalen van seksueel misbruik te delen. Allemaal onder de noemer #MeToo.

De campagne bestaat eigenlijk al sinds 2006, toen activist Tarana Burke ‘Me Too’ gebruikte om seksueel geweld, voornamelijk ondervonden door jonge zwarte vrouwen, bespreekbaar te maken. Maar het werd pas een wereldwijde beweging door de hashtag en het momentum dat gecreëerd werd door de zaak Weinstein. De wereldwijde overname van de actie laat zien hoe groot de omvang is van seksueel geweld tegen voornamelijk vrouwen, en dat het zich niet door landsgrenzen laat tegenhouden.

Een jaar na het nieuws over Weinstein sprak Broadly met vrouwen over de hele wereld over wat het effect van de #MeToo-beweging is geweest op het land waar zij vandaan komen. Of het nu persoonlijke gesprekken zijn of politieke massaprotesten, één ding is zeker: er moet nog veel gebeuren. Ook lijkt het erop dat vrouwen de strijd niet opgeven zolang er geen veilige en rechtvaardige wereld is.

Natashya Gutierrez, de Filipijnen

In de Filipijnen heeft de #MeToo-beweging vrouwen geïnspireerd om zich uit te spreken tegen mannen met macht, met name tegen de misogynie en het seksistische gedrag van de Filipijnse president Rodrigo Duterte. Ondanks zijn grappen over verkrachting, het nafluiten van vrouwelijke journalisten, het op de mond zoenen van vrouwen tijdens publieke optredens, het opscheppen over zijn affaires uit het verleden en het aanvallen van vrouwelijke critici, blijft de president ongekend populair.

Op social media startten zijn tegenstanders de hashtag #BabaeAko ("Ik ben een vrouw") en #LalabanAko ("Ik zal terugvechten") na de uitspraak van Duterte dat hij liever geen vrouw zou aannemen voor een beschikbare topfunctie in de regering. De hashtag moedigde vrouwen aan om zijn herhaalde misogynie te veroordelen en solidair te zijn met alle vrouwen die de president heeft bekritiseerd en geobjectificeerd. Dit resulteerde uiteindelijk in een demonstratie op de Filipijnse onafhankelijkheidsdag. Het is inspirerend om te zien hoe deze beweging groter werd in een land waar mannen (en vrouwen!) doorgaans bewindslieden toejuichen als ze ongepaste en seksistische grapjes maken. Onlangs verontschuldigde een congreslid zich voor zijn onbeschofte gedrag tegen de luchthavenbeveiliging – hij vergeleek dat met woede-uitbarstingen die vrouwen hebben als ze ongesteld zijn. Op social media kreeg hij er keihard van langs.

Natashya Gutierrez. Foto door Martin San Diego

Ik denk dat de #MeToo-beweging Filipijnse vrouwen de ogen heeft geopend en hen de kracht heeft gegeven om terug te vechten. Hoewel het activisme zich nog voornamelijk ontvouwt op Facebook en Twitter, ben ik optimistisch en hoopvol over een tastbare, offline vertaling van het weerwoord van Filipijnse vrouwen. En misschien wel een verandering in hun stemgedrag.

Nicoline Larsen. Foto is eigendom van Larsen

Nicoline Larsen, Denemarken

In Denemarken associëren we onze nationale identiteit met ruimdenkendheid. Daarom krijgen veel mensen het gevoel dat ze als preuts worden bestempeld wanneer ze hun zorgen uiten over seksueel grensoverschrijdend gedrag: “Kom op! Dat is gewoon hoe we in Denemarken praten over dingen. Daar bedoelen we niks mee.”

De Deense filmproducent Peter Aalbæk stond jarenlang bekend om zijn controversiële manier van leidinggeven − hij sloeg werknemers op de billen en nodigde collega’s uit om met hem te gaan skinny dippen in zijn zwembad. Zijn gedrag werd altijd provocerend gevonden, maar nooit alarmerend. Maar toen de #MeToo-beweging voet aan de grond kreeg in Denemarken, kwam Aalbæk onder vuur te staan voor zijn gedrag. Hij werd vervolgens onvrijwillig op verplichte sabbatical gestuurd door zijn meerdere.

Tegenwoordig is Aalbæk weer aan het werk, dus uiteindelijk heeft #MeToo geen serieuze impact gehad op zijn carrière. Dit is eigenlijk heel typerend voor de #MeToo-beweging in Denemarken: veel verhitte discussies, weinig concrete actie. #MeToo is er echter wel in geslaagd het broodnodige gesprek over machtsdynamiek en genderongelijkheid aan te zwengelen. De zin “Het is makkelijker om deze problemen aan te kaarten in de nasleep van #MeToo,” hoor je vaak. Dus hoewel #MeToo heeft gefaald in het aanzetten tot concrete verandering, heeft het een belangrijk debat op gang gebracht over seksueel grensoverschrijdend gedrag en de machtsdynamiek tussen mannen en vrouwen, een debat waarin het woord ‘preuts’ zelden meer valt.

Alia Marsha. Foto door Syarafina Vidyadhana

Alia Marsha, Indonesië

Ik weet niet wat er moet gebeuren in Indonesië voordat slachtoffers van seksueel misbruik serieus worden genomen. In augustus bracht VICE Indonesië verslag uit van een vijftienjarig meisje dat werd veroordeeld tot een gevangenisstraf na het afbreken van haar zwangerschap van bijna zes maanden, die het gevolg was van een verkrachting door haar oudere broer. Het vonnis werd vernietigd door het hooggerechtshof op Sumatra, nadat het meisje een maand in de gevangenis had doorgebracht.

Ik ben een van de vier redactieleden hier − en de enige vrouw − maar ik durfde het stuk dagen nadat het was gepubliceerd nog niet te lezen. De pijn zat te diep; de woede was overweldigend. Ik was boos op de wet, die duidelijk niet de belangen van vrouwen behartigt. In Indonesië is abortus alleen legaal als er medische redenen zijn, of in geval van verkrachting – maar dan moet het slachtoffer de zwangerschap binnen 40 dagen na de bevruchting beëindigen. Terwijl, in de praktijk de meeste vrouwen pas na gemiddeld 5 tot 6 weken bewust worden van hun zwangerschap.

De zaak is een reminder voor hoe de dingen hier werken: meisjes en vrouwen kunnen voor hun veiligheid niet op mannen vertrouwen, ook niet als ze familie zijn. En als het misgaat, kunnen we niet eens op de wet vertrouwen om ons te beschermen. Dat is de reden waarom meer dan 90 procent van de slachtoffers van verkrachting in dit land, zich stil houdt.

De illegaliteit van abortus in Indonesië wordt ook verergerd door het gebrek aan seksuele voorlichting op scholen. Een recentelijk rapport onthulde dat het gebruik van ‘moderne’ anticonceptiemiddelen, zoals condooms en spiraaltjes, sterk afnemen, terwijl ‘traditionele’ anticonceptiemiddelen zoals het bijhouden van je menstruatiecyclus en het drinken van jamu − een traditioneel medicijn gemaakt van schors, wortels en bladeren − juist populairder worden.

De problemen hier zijn allemaal met elkaar verbonden en hoe je het ook bekijkt, afschuwelijk. Niemand verdient dit soort geweld, en ik kan alleen maar hopen dat verkrachtingsslachtoffers in dit land ooit rust vinden, want #MeToo.

Shristi Malhotra. Foto door Rene Sharanya Verma

Shrishti Malhotra, India

Tijdens een familievakantie in november vorig jaar, vroeg mijn vader aan mij en mijn zus over de beweging die zo uitgebreid in het nieuws was, en of vrouwen het dan echt allemaal zo slecht hadden. Hij was met stomheid geslagen door het antwoord van mijn zus. Voor het eerst in vijftien jaar vertelde ze hem dat ze op achtjarige leeftijd was betast in een bus. We gingen zitten en hadden voor de eerste keer een gesprek met hem over onze ervaringen met alledaagse seksuele intimidatie. Dat is, voor mij, de kracht van de #MeToo-beweging.

Het feit dat de Bollywood-filmindustrie weigert partij te kiezen voor de voormalige actrice Tanushree Dutta, nadat zij zich onlangs uitsprak over de intimidatie waarmee ze tien jaar geleden te maken had − waar ze destijds al over sprak, laat zien dat de beweging nooit in ons land kan aftrappen zoals in de Verenigde Staten of andere delen van de wereld.

Maar wat het ons heeft gebracht − hoewel dat alleen geldt voor een beperkte groep Indiërs die het privilege heeft toegang te hebben tot het wereldwijde discours − is het vermogen om onze ervaringen beter te verwoorden, om kracht te putten uit de ervaringen van degenen die soortgelijke dingen hebben meegemaakt, om verkrachters en aanranders aan te wijzen, om meer zinvolle gesprekken te starten rondom seks, consent en seksualiteit, ook al is het maar binnen een kleine groep.

Aashna Sharma. Foto door Simona Shah

Aashna Sharma, India

In het afgelopen jaar heb ik ontelbaar veel opiniestukken gelezen waarin werd gevraagd: “Waarom heeft India nog geen #MeToo-beweging gehad?”. Het enige wat ik daar niet aan begreep, is waarom niemand dit leek te begrijpen.

Onlangs trad actrice Tanushree Dutta naar buiten met haar eigen #MeToo verhaal tegen het vereerde icoon Nana Patekar. Ze kreeg zo’n golf van scepsis en kritiek over zich heen dat je zou denken dat ze een soort pathologische leugenaar was, en niet, je weet wel, een mens dat haar trauma probeert te verwerken.

Is het dan verrassend dat de #MeToo-beweging nog niet helemaal van de grond is gekomen in India? Victim blaming zit zo diep geworteld in onze cultuur dat bezorgdheid een middel voor onderdrukking is geworden. We worden zo vaak verteld dat we voorzichtig moeten zijn, dat het bijna een grap is geworden. Als vrouw ben je al opstandig als je een stap buiten je huis zet. Om je vrijheid toe te eigenen, moet je erop staan dat het buiten veilig is, je moet vastberaden zijn in het idee dat je voor jezelf kan zorgen.

Met het zeggen van #MeToo vervalt deze geloofwaardigheid. Door #MeToo te zeggen geef je eigenlijk toe dat jij gelijk had en ik niet. Ik had niet tot zo laat buiten moeten blijven, of dat jurkje moeten dragen, of dat drankje moeten drinken.

Het maakt de weg vrij voor nog meer toezicht op vrouwen, voor nog meer verlies van autonomie. Je zogenaamd goedbedoelde seksisme kan nu gewoon verkocht worden als goedbedoeld. Als je dat hoort, vind je het dan nog steeds zo vreemd dat #MeToo in India alleen maar gefluisterd wordt door vrouwen onderling, en niet wordt geschreeuwd op straat, op politiebureaus en in rechtbanken?

Laura Muriel. Foto door Paco Poyato

Laura Muriel, Spanje

Seksueel misbruik van vrouwen is een constante in de samenleving. Zo ook in Spanje: het Weinstein schandaal staat niet op zichzelf, het is een sociaal probleem. De #MeToo-beweging stak de kop op in ieders huiskamer, en veel vrouwen grepen de kans aan om seksueel misbruik te melden waarvan we slachtoffer zijn geweest (meestal in stilte, tot dat moment). Op straat, op de werkplek en zelfs in onze families.

Spaanse vrouwen leven in constante angst om seksueel misbruikt te worden, en #MeToo hielp ons te beseffen dat we niet alleen zijn. Het afgelopen jaar werd er meer over het probleem gepraat, er werd vaker aangifte gedaan, en steeds meer mensen vragen voor een rechtvaardigere samenleving. 2018 is het jaar van de vrouw.

De la Manada -zaak* − waarin vijf mannen door een jury volgens velen onterecht werden vrijgesprokendie van groepsverkrachting van een vrouw op het San Fermín festival − vormde een keerpunt in de geschiedenis van de strijd van vrouwen. Op 8 maart werd Spanje een voorbeeld voor de rest van de wereld, door het organiseren van een algemene staking tegen discriminatie, seksueel misbruik en geweld, naast massale protesten in meer dan 100 steden. Dat maakte ons trots. Die dag zal de geschiedenis ingaan als de dag dat we aan het hoofd stonden van een land waar we echt wilden zijn. Een land waar vrouwen niet vermoord worden door hun partners, een land zonder inkomensongelijkheid tussen man en vrouw, en waar geweld niet langer wordt getolereerd door het systeem.

Wana Udobang. Foto door Emmanuel Oyeleke

Wana Udobang, Nigeria

Toen een van mijn vorige werkgevers zei dat “mijn lichaam het soort lichaam is waar een man zichzelf naar binnen zou willen dringen,” antwoordde ik met een ongemakkelijk gegiechel, terwijl ik ondertussen veel afstand van hem nam zodat hij me niet zou betasten om te illustreren wat hij bedoelde. Ik moest ervoor zorgen dat ik de situatie niet ongemakkelijk zou maken, zodat ik niet zou worden bestempeld als ‘overdreven gevoelig’, en om nog meer intimidatie te voorkomen.

Of het nu iemands jeugd is die verwoest wordt door misbruik door oudere familieleden, of universiteitsprofessoren die dreigen je cijfers te verlagen voor het weigeren van diens seksuele avances, seksueel misbruik en de constante dreiging voor vrouwenlichamen zijn altijd een vast onderdeel geweest van het normale leven in Nigeria.

Dus, voor velen van ons, bracht de #MeToo-beweging niks naar boven wat we niet al wisten. In een cultuur waarin lichamelijke autonomie en seksuele zeggenschap van vrouwen soms als een mythe voelen, is je een weg banen door de wereld van seksuele geweldpleging voor veel vrouwen een basisvaardigheid geworden. Het is niet moeilijk om vrouwen te vinden die hun ervaringen bagatelliseren, om maar met hun sluimerende PTSS om te kunnen gaan.

Hoewel de #MeToo-beweging het gesprek over consent en de betekenis van seksueel geweld groter maakte − waardoor velen werden gestimuleerd om over hun ervaringen te praten en hun verhaal te delen − vond de meeste impact online plaats. In een wereld waar dagelijkse hashtags snel veranderen, duurde het niet lang voordat het debat veranderde in een discours vol gevatte grapjes en excuses. En nu, een jaar later, is de vraag dus: wat gebeurt er nu? Het lijkt erop dat Nigeria, als het aankomt op verantwoording afleggen, er nog niet helemaal is.

Noor Spanjer. Foto door Debby Termonia

Noor Spanjer, Nederland

“Is #MeToo niet gewoon een hype?” Dit vroeg een bekende radiopresentator bijna een jaar geleden, toen ik te gast was in zijn programma om over een vermeende aanrandginszaak te praten. Natuurlijk is het probleem van seksueel geweld, wat zo verschrikkelijk veel voorkomt, niet echt iets wat je kan wegzetten als ‘een tijdelijke trend’, maar zijn opmerking bleek de opmaat te zijn voor hoe een hoop andere Nederlandse media verslag deden van #MeToo in het afgelopen jaar.

Er lijkt namelijk vooral aandacht te zijn voor de kant van de beklaagden – zijn zij wel echt schuldig, is het wel zo erg wat ‘de daders’ hebben gedaan, wordt hun carrière nu niet moedwillig om zeep geholpen? En die slachtoffers, stellen die zich niet een beetje aan? Is het niet gewoon ‘the ways of the world’, zoals een beroemde Nederlandse schrijver het formuleerde in de meest bekeken talkshow op de Nederlandse televisie.

Victim blaming is altijd een van de grootste probleem geweest in de context van seksueel geweld; daarmee wordt het gedrag van een dader ontkent, gebagatelliseerd of zelfs goedgepraat. Alles om maar niet onder ogen te hoeven komen dat er – dagelijks en vooral – vrouwen worden geïntimideerd, aangerand en verkracht. In plaats van het daadwerkelijke probleem (hoe komt het dat dit zoveel voorkomt?) te bestuderen, of te zoeken naar oplossingen van een falend rechtssysteem, wordt er op Twitter, in kranten en praatprogramma’s gesproken over verpeste carrières, valse beschuldigingen en of er geen sprake is van ‘trial by media’.

Maar als er al gesproken kan worden van een ‘media-rechtszaak’, dan worden er lage straffen uitgedeeld. De Nederlandse dirigent die twee weken geleden door meer dan 20 vrouwen werd beschuldigd van seksuele intimidatie en aanranding trad vorig weekend op voor een uitverkochte zaal, Louis C.K. verschijnt weer ten tonele, en natuurlijk Brett Kavanaugh, die ondanks alles gewoon een levenslange functie als een van de belangrijkste rechters van Verenigde Staten heeft gekregen. Terwijl slachtoffers van seksueel geweld vaak levenslang met de gevolgen blijven zitten.

Julia Reis. Foto eigendom van Reis

Julia Reis, Brazilië

Ik vind het ongelofelijk dat er nog fascisme en femicide [het vermoorden van vrouwen omdat ze vrouw zijn] plaatsvindt in Brazilië. Hoewel in de grondwet staat dat ieders veiligheid en gelijkheid moet worden gewaarborgd, los van gender of beroep, voelen Braziliaanse vrouwen zich niet veilig.

We voelen ons niet veilig genoeg om te zeggen wat we willen of om te protesteren, omdat de vrouwen tegen wie we opkijken om die reden vermoord zijn – zoals Marielle Franco, een van onze grootste inspiratiebronnen van strijd en verzet. Ze werd doodgeschoten omdat ze vocht voor waar ze in geloofde: gendergelijkheid, de zichtbaarheid van de lhbt+-gemeenschap en mensenrechten.

Vrouwen kunnen niet gaan en staan waar ze willen door het seksuele geweld waar we elke dag mee geconfronteerd worden. En het wordt steeds erger. Ik woon in een land waarin iedere dag bijna 5 op de 100.000 vrouwen vermoord worden. Jongens wordt niet geleerd om respect voor vrouwen te hebben en daarom kopiëren ze seksistisch gedrag. Het resultaat daarvan zie je terug in de hedendaagse politiek en maatschappij, en in de consequenties die volgen op ons gevecht en verzet.

In duistere tijden – met een seksistische en vrouwenhatende politicus die nog maar een klein stapje verwijderd is van president worden – verenigen we ons tegen deze ideologieën. We zijn bereid om de straat op te gaan en te protesteren, omdat we niet langer het zwijgen opgelegd willen worden. We willen vertegenwoordigd worden in het Congres en we willen gelijke salarissen. We willen veilig kunnen zijn op straat en we willen respect.

Braziliaanse vrouwen zijn het beu om lastig gevallen te worden en niet gerespecteerd te worden. Linksom of rechtsom versterken deze bewegingen onze zoektocht naar een betere plek in de maatschappij. We zijn niet alleen in dit gevecht tegen seksueel geweld, samen zijn we sterk. #MeToo.

Lylie Korzer. Foto door Guillaume Gardin

Lylie Korzer, Québec

“Ik geloof het pas wanneer ik het zie!” Nou, nu hebben ze het gezien; nu weten ze het. De #MeToo-beweging gaf een sprankje hoop; het inspireerde vrouwen om zich uit te spreken en zich niet langer alleen te voelen (of in ieder geval een beetje minder alleen). #MeToo was overal, maar toch voelde de winst op kleine schaal. Social media werd overspoeld door aanklachten, waardoor vrouwen bemoedigd werden om hun verhalen te delen, een lobby te creëren, en om samen te werken.

Hoop is geweldig, maar wat als na die hoop geen verandering volgt? #MeToo was overal, maar wat gaat het in de praktijk veranderen? De beweging was een empowerende, wereldwijde storm die ons bij de hand nam en ons leerde dat het oké was om je uit te spreken, en sommigen van ons deden dat ook. We schreeuwden zo hard als we konden, me too. Maar we zijn nog niet eens op de helft van waar we moeten zijn. Voor het jubileum van de hashtag wens ik dat het meer gaat worden dan alleen woorden. Ik wens dat het echte verandering in gang zet.


Madalena Maltez. Photo courtesy of subject

Madalena Maltez, Portugal

In Portugal is er altijd veel aandacht voor dingen die in het buitenland gebeuren, waarschijnlijk omdat we zo’n klein land zijn. De #MeToo-beweging was geen uitzondering. In het nieuws werden alle gruwelijke verhalen verteld, alle speeches van Hollywood-actrices, en alle ontwikkelingen daarna in de Verenigde Staten en andere landen in Europa. Helaas vergaten veel Portugezen in de spiegel te kijken en de situatie op een lokaal niveau te bekijken, te praten over hoe het Portugese vrouwen vergaat in ons eigen land.

Eerder deze maand werd een 26-jarige vrouw verkracht in de toilet van een bar, door de barman en de uitsmijter. Ze werden schuldig bevonden in de rechtszaal en kregen vier jaar gevangenisstraf, voorwaardelijk, dus ze hoeven geen enkele dag daadwerkelijk vast te zitten. Dat besloot de rechter omdat, naar eigen zeggen, het wel bewezen was dat het slachtoffer buiten bewustzijn was en dat ze seksueel was misbruikt door deze twee mannen, maar dat een bar ook een plek is waar “wederzijds flirten” plaatsvindt en dat de verkrachting niet vooraf gepland was. Om de rechtbank te citeren was het bewijs “indirect”. Daarbij had het slachtoffer geen zichtbare verwondingen van fysiek geweld – behalve natuurlijk het “verkracht zijn terwijl je bewusteloos was” gedeelte – en omdat de mannen geen strafblad hadden, waren ze vrij om te gaan.

Niemand protesteerde voor de vrouw, of in ieder geval niet op grote schaal. We klaagden wel, maar erover praten is niet genoeg. Niet meer, nooit meer.

Praten over wat er over de grens gebeurt of aan de andere kant van de oceaan is gemakkelijk – maar we moeten naar onszelf kijken. #MeToo heeft vrouwen doen beseffen dat onze collectieve stem luider is. Het heeft feministische groepen in Portugal sterker en moediger gemaakt. Maar er is een dieper level nodig om echt iets te veranderen, en Portugal loopt op dat vlak achter. Mensen verbergen zich nog altijd achter de sociale schaamte.

*Update 10 oktober: in een eerdere versie van dit artikel stond er over de La Manada-zaak dat de mannen werden vrijgesproken van 'aanranding', maar de woede in Spanje ontstond doordat ze werden vrijgesproken van 'groepsverkrachting'.